Vooraf:

De studenten zijn voor de katholieke Kerk altijd al een uiterst belangrijke groep geweest. Zij moesten kost wat kost voorbereid worden op de (katholieke) taak die hen wachtte. Naast de colleges, die borg stonden voor het inprenten van het katholieke gedachtegoed, achtte men het ook belangrijk dat de studenten tijdens hun vrije tijd niet zouden besmet worden met niet-katholieke ideeën. In die context werden pogingen ondernomen om een katholieke Vlaamsgezinde studentenbeweging op te richten. Na een tweetal "mislukte" pogingen eind negentiende eeuw, werd in 1903 het Algemeen Katholiek Vlaams Studentenverbond (AKVS) opgericht. Ook dit AKVS verloor geleidelijk aan krediet door dezelfde weg op te gaan als zijn voorgangers. Vanaf 1924-25 verboden de bisschoppen de studenten deel te nemen aan AKVS-vergaderingen.

Oprichting van KSA:

Het begin van de jaren twintig was niet alleen een turbulente periode voor het AKVS. Na de Oktoberrevolutie van 1917 in Rusland bestond de vrees dat het communisme zich zou uitbreiden naar het Westen. Om deze dreiging af te wenden, werd in een aantal landen het - reeds lang beloofde - algemeen stemrecht ingevoerd. De verkiezingsuitslagen tonen een achteruitgang van de tradionele katholieke partijen.De katholieke Kerk vreesde een verlies aan maatschappelijke invloed en paus Pius XI werkte de katholieke actie (KA) uit. Het was de bedoeling mensen onder te brengen in katholieke verenigingen en zo de ontkerkelijking tegen te gaan. Ook de jongeren werden ondergebracht in katholieke jeugdverenigingen. Tot dit Jeugdverbond voor Katholieke Actie (JVKA) behoorden ondermeer de KAJ (de arbeidersjeugd), KLJ (de landelijke jeugd) en de KSA (studenten). Deze laatste stond voor het bisdom Brugge onder leiding van proost Karel Dubois. Het intussen verboden AKVS verloor heel wat leden aan die KSA, die bekoord werden door de nieuwe beweging die veel bood wat elders niet te vinden was: een wereldwijd ideaal, gebouwd op vaste zekerheden van het kerkelijk ideaal en geleid door het onbetwistbaar gezag van paus en bisschop, in een positieve sfeer die een verademing betekende tegenover de verbetenheid en verbittering van de nationalistische kerngroepen, en met de mogelijkheid in het openbaar op te treden en er een hoge waardering voor te krijgen van opvoeders, ouders en katholieke opinie. De KSA kreeg al vrij snel een uitgewerkte structuur gebaseerd op een tweeledige opbouw: enerzijds was er de werking tijdens het schooljaar binnen de colleges en anderzijds was er de verlofwerking op de parochies tijdens de kerst-, paas- en grote vakantie.

KSA voor WO II:

De woelige jaren dertig drukten ook hun stempel op het KSA-gegeven, in het zoeken naar oplossingen voor de economische crisis werd extreem de nadruk gelegd op het militaire, ook KSA kwam onder de invloed van deze nieuwe orde-samenleving die de nadruk legde op het fysieke. KSA incorporeeerde militaire defilés met klaroengeschal en tromgeroffel, uniformen en sportwedstrijden. Vanuit die vernieuwingen ging KSA verder het pad op van de jeugdbeweging. Er werd gewerkt aan een dienstenwerking, waarin met vier diensten (DOL, DLO, HD en VD) gepoogd werd om het volledige interesseveld van jeugdigen te beslaan. Heel wat mensen werden lid van de beweging omwille van het spel-aspect. Bij aanvang van de tweede wereldoorlog was KSA een beweging die volop een metamorfose onderging.

Tijdens die tweede wereldoorlog werd KSA officieel verboden. Het diocesaan niveau staakte het grootste deel van zijn activiteiten, ook de gewesten bestonden de facto quasi niet meer. Men kon echter de jongeren op de parochies niet verbieden elkaar te zien, waardoor KSA in die vijf jaar een enorme bloei kende op parochiaal vlak, want KSA was zowat het enige dat overbleef van het vooroorlogse aanbod. KSA ging verder de weg op van het jeugdige en er werd gedacht aan romantisering van naamgeving en kernwerking.

KSA na WO II:

Na de tweede wereldoorlog verloor KSA een groot deel van zijn leden, pas eind de jaren vijftig herwon de beweging een zekere dynamiek. Met het invoeren van de vijfdagen-schoolweek kwam de nadruk te liggen op de werking binnen de parochiebonden. Sedert het stimuleren van die parochiale werking, heeft KSA zich voornamelijk beperkt tot het volgen van maatschappelijke tendenzen, die ervoor gezorgd hebben dat de wervingsbodem van KSA constant breder werd: de wedren naar de wieg, waardoor nu ook leerlingen uit het lager onderwijs lid werden van KSA (wat ook met zich bracht dat de studentenactie, hoe langer hoe meer mensen uit technische en beroepsscholen aantrok), de gemengde werking en het oprichten van KSJ nationaal.

KSA Ten Rode:

De beginjaren:

De Oostkampse KSA was een van de vele "vakantiebonden". Aanvankelijk binnen het gewest Brugge-Zuid, later als parochiebond op Sint-Pieters in de banden. De Oostkampse groep nam heel snel de dienstenwerking over en bij de romantisering van de naamgeving in 1943 werd de naam KSA Ten Rode boven de doopvont gehouden (het gewest kreeg de naam Gruuthuyse en de gouw werd Noordzeegouw). KSA Ten Rode stond tijdens de laatste oorlogsjaren onder leiding van Omer Moeyaert, die werd bijgestaan door proost André Modde.

Toen Moeyaert zijn taak als bondsleider stopzette ruste op Modde de zware taak de KSA in leven te houden, dit lukte hem wonderwel en vanaf eind de jaren vijftig zien we dat Ten Rode nauwer aansloot bij Noordzeegouw, die een sterke heropleving kende.

Een aantal mensen volgden de heringerichte leiders- en dienstencursussen en wisten de werking opnieuw sterk te laten heropleven. Toen bij een ongeval op een KSA-bedevaart bondsleider Ghislain Lescouhier het leven liet, betekende dit niet de doodsteek van de heropleving, integendeel zijn collega’s gingen verder met hun "levenswerk". Joost Lowyck leidde de bond, tot hij samen met Gilbert Keirsebilck en José De Fruyt intrad. Een nieuwe generatie o.l.v. Erik Debaecke nam de fakkel over.

Woelige tijden:

Een paar jaar waren er wat problemen rond opvolging en stuurde Noordzeegouw Ward Poppe om de trein opnieuw op de sporen te zetten. Ward Poppe bleef tien jaar, samen met Thierry De Mey, Ten Rode leiden. Voor de Oostkampse bond betekende dit tweespan een zegen, ze slaagden erin de werking opnieuw op te krikken en herstelden het contact met Noordzeegouw. Na een aantal jaren echter begon er een kloof te ontstaan tussen de, intussen heel ervaren, hoofdleiding en de jonge, spontane leiding. De spanningen kwamen voornamelijk oort uit het feit dat de jonge leiding vond dat de Oostkampse bond zich niet voldoende vernieuwend opstelde. Intussen was er vraag naar een kabouterban, leidsters en een KSA-fuif. Deze nieuwe ideeën werden terzijde geschoven door de oudere hoofdleiding, die deze initiatieven niet beschouwde als de kern van het KSA-gebeuren en ze dus ook weigerde te steunen.

De groeiende kloof leidde uiteindelijk tot het ontslag van Ward en Thierry. Guido Bolle nam de fakkel over, na twee jaar opgevolgd door Filip Beernaert. Onder Guido en Filip ging KSA resoluut een andere weg op. De initiatieven die lange tijd waren geboycot werden in snel tempo verwezenlijkt. Toch kan gesteld dat door de plotse ommezwaai KSA eigenlijk een beetje stuurloos werd. De Oostkampse bond ging te zeer de nadruk leggen op het samen-leider zijn, waardoor de leden uit het centrum verdwenen.

De bloeiperiode:

Na een aantal opmerkingen van ouders besloot Filip Beernaert plaats te ruimen voor Lieven Claeys, onderwijzer in de Sint-Pietersschool in Oostkamp. Onder Lieven werd het accent weer opnieuw op de kinderen gelegd en heel wat initiatieven werden uit de grond gestampt: de speelstraat, het oudercomité,... De nieuwe bondsleider hechtte heel veel belang aan samenhorigheid. Met actieve leidersweekends, Snorry (banblad voor de leiding) en het tuurtje slaagde hij erin die band te smeden. Uit dit groepsgevoel kwam een degelijke werking en de basis die Claeys gelegd heeft in zijn tweejarig bondsleiderschap was eigenlijk het uitgangspunt voor de bondsleiders Luc Talloen, Kurt Boelens en Kurt Ommeslag die elk achtereenvolgens twee jaar bondsleider waren en wiens grote verdienste het is de gelegde fundamenten te hebben bebouwd. Getuige daarvan is de werking, die in die periode een enorme bloei kende (tot 330 leden).

De bond groeide duidelijk te snel want ze barstte bijna uit haar voegen en het bondsteam met Kris Haegeman, Hendrik Gardin en Stefaan Van Paemel opperde de idee om de bond op te splitsen, dit gebeurde niet en het aantal leden daalde geleidelijk aan. Het volgende jaar werd de bond geleid door een tweede bondsteam met Nathalie Alleman, Carol Cartigny en Els Wydaeghe die het na een jaar overlieten aan gouwleider Dirk Desoete, die wegens gebrek aan opvolging twee jaar de functie van bondsleider waarnam. Na twee jaar werd hij opgevolgd door Sebastian Vande Ginste, die de fakkel later doorgaf aan Els Pieraerts die op haar beurt de fakkel aan Karel Puype gaf. Als opvolger voor Karel Puype kwam Bert Vertommen uit de bus, maar sinds januari 2006 is Bert Vertommen gaan werken bij de jeugddienst van Oostkamp en hadden we een vervanger nodig aan het hoofd van onze beweging, nl Benjamin Meire.

Over de geschiedenis van KSA Ten Rode is een boek uitgegeven n.a.v. het 70-jarig bestaan van de KSA in Oostkamp, dit boek is te verkrijgen langs de KSA-leiding. Nadien kwam Ike Devolder aan het hoofd te staan, deze werd op zijn beurt vervangen door Lieven Lambrecht. KSA 85 werd gevierd in het werkjaar 2013-2015, dit in september. Het was een groots feestweekend met alles erop en eraan: eerst een BBQ op vrijdag, zaterdag de fameuze startdag, aansluitend met een fuif voor de ouderen en zondag vond er zich een eerste Battle der verenigingen plaats. Dit ging allemaal door in en rond een feesttent. Tijdens dat werkjaar was Eva Roets bondsleidster van onze KSA, net zoals dat jaar ervoor. In het werkjaar 2014-2015 werd de fakkel doorgegeven aan Annelies Malengier. Onder Annelies werd de schakel vernieuwd: nieuwe verwarming, nieuwe toiletten en ruimtes in de ouderlijke douches van de voetbal, schilderen, … Annelies was net zoals Eva 2 jaar bondsleidster. In het werkjaar 2015-2016 werd ‘VKSJ’ Oostkamp ook een ‘KSA’. Op die manier zijn er sindsdien 2 KSA’s in de Valkaart terug te vinden. Wij blijven los van elkaar bestaan met elk onze eigen accenten. In 2016 werd Laura Deboelpaep bondsleidster. Typerend aan Laura is haar Brussels accent. Logisch als je weet dat ze oorspronkelijk uit Lennik komt. In het werkjaar 2016-2017 bereikte KSA Ten Rode Oostkamp de kaap van 419 leden! KSA Ten Rode is groter dan ooit: 94 Kabouters, 101 Pagadders, 62 Jongknapen, 60 Knapen, 17 Jonghernieuwers, 44 leiders en een tal van ondersteunende leden! Tot de dag van vandaag is Laura nog steeds bondsleidster van KSA Ten Rode Oostkamp!